Sunday, 19 January 2025

Rutger Kopland: 'Winter van Breughel'



Winter van Breughel

 

Winter van Breughel, de heuvel met jagers

en honden, aan hun voeten het dal met het dorp.

Nog even, maar hun doodmoeie houding, hun stap

in de sneeuw, een terugkeer, maar bijna zo

 

langzaam als stilstand. Aan hun voeten groeit

en groeit de diepte, wordt wijder en verder,

tot het landschap verdwijnt in een landschap

dat er moet zijn, en er is, maar alleen

 

zoals een verlangen er is.

 

Voor hen uit duikt een pikzwarte vogel. Is het spot

met de moeizame poging tot terugkeer naar het leven

daar beneden: de schaatsende kinderen op de vijver,

de boerderijen met wachtende vrouwen en vee?

 

Een pijl onderweg, en hij lacht om zijn doel. 

 

 

Winter by Breughel

 

Winter by Breughel, the hill with its hunters

and hounds, with the valley and village below.

Just briefly, though bone-weary posture, their steps

in the snow, a return, but one almost as

 

slow-paced as stasis. At their feet the abyss

now deepens and deepens, grows wider and farther,

till the landscape melts into a landscape

that has to be there, and is there, but only

 

provided a longing is there.

 

From above dives a bird black as pitch. Does it but mock

with its taxing attempt to make a return to the life that

lies far below it: the children that skate on the pond and

the cattle and wives, waiting on farms out of view?

 

An arrow dispatched, and it laughs at its aim.

 

 

No comments: